blaadjes

Slide background

Weert heeft eigen energie!

Gaat u ook eigen duurzame energie gebruiken?

Slide background

Weert heeft eigen energie!

Gaat u ook eigen duurzame energie gebruiken?

Slide background

Weert heeft eigen energie!

Weet u hoeveel het voor u oplevert in de toekomst?

Slide background

Weert heeft eigen energie!

Wilt u zelf een bijdrage leveren aan het milieu?

In gesprek met Piet Loomans

piet loomansPiet Loomans (83 jaar) is vanaf het allereerste begin betrokken bij WeertEnergie. Hij is onderne-mend, klust graag en staat altijd klaar voor anderen. In het gesprek met Piet ontvouwt zich een enerverend leven.

Weet je nog wanneer je voor het eerst chocolade proefde? Piet Loomans herinnert het zich nog goed. Het was na de hongerwinter van 1944. Hij woonde in Den Haag en zag dat er met de voed-seldroppings in 1945 een pak uit een voedselvliegtuig naar beneden viel. “Overal kwamen men-sen vandaan gerend en in no time was de inhoud verdeeld. Ik wist een klein stukje chocolade te bemachtigen. Ongeveer een vierkante centimeter groot. Dat was de eerste keer dat ik chocolade proefde.”

Tweede wereldoorlog

Piet was vier jaar bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en negen bij de bevrijding in 1945. Om aan te sterken, is hij enige tijd opgenomen geweest bij een boerengezin. “Wij werden geselecteerd als Haags bleekneusje en via Rotterdam in een binnenvaartschip naar Boxtel ge-bracht en met een paard en wagen naar Nijnsel. Daar woonde ik ongeveer vier weken bij de fami-lie Aarts in. Op 6 juni 1944 (D-day) dacht men dat de oorlog snel voorbij zou zijn. Piet keerde met spoed terug naar Den Haag. Een soort evacuatie. De oorlog duurde helaas voort en Piet maakte de hongerwinter in Den Haag mee. “We aten tulpenbollen en suikerbieten. s’Morgens om 08.00 uur stond ik als kleine jongen in de lange rij voor de gaarkeuken om iets wat op eten leek mee naar huis te nemen.” In Overloon staat een goed voorbeeld hoe je met een verbogen lepel nog iets uit een lege gamel kon lepelen. Ook zag Piet in een spionnetje (spiegeltje aan het huis) hoe een Duitser een man doodschoot. “Als kind vond ik het gewoon. Ik wist niet beter. De laatste tijd komen de herinneringen steeds meer naar boven .De kleinkinderen vinden de verhalen span-nend. Nu pas besef ik dat het helemaal niet zo gewoon was.”

Techniek

Na de oorlog volgde Piet diverse opleidingen, de MTS, richting elektronica en mechanica. Als elektronische instrumentenmaker kwam hij in de scheepvaart terecht. Zeventien jaar werkte hij aan navigatiesystemen, zoals Gyrocompassen de voorloper van GPS. Vervolgens brak in 1973 de oliecrisis uit, waardoor het slecht ging in de scheepvaart. Voor Piet reden om van baan te wis-selen. Hij ging voor Stork in Boxmeer werken. Hij verhuisde samen met z’n vrouw en twee kin-deren naar Venray. Stork maakte machines voor rotatie zeefdruk om substraten van een coating laag te voorzien. Bijvoorbeeld behang of vloerbedekkingen. “Ik reisde de hele wereld over om de machines in elkaar te zetten en instructies te geven aan de lokale mensen. Dertien jaar lang.” In 1985 werd Piet hoofd opleidingen. Hij gaf theorie- en praktijklessen in de proeffabriek in Boxmeer. Hij voerde nascholing uit in de fabrieken als daar behoefte aan was. Hij reisde de wereld weer over. Met veel voldoening, als het productieproces weer beter verliep. Na zijn pensioen bezocht Piet in1996 Limburgse basisscholen om daar over zijn werk te vertellen en leerlingen te interesse-ren voor een baan in de techniek. Dit in het kader van de overheidscampagne Kies techniek.

Ondernemend

Piet verzamelt gemakkelijk mensen om hem heen én mensen weten Piet snel te vinden. “Kun je even de fiets van ons dochtertje maken, wil je meehelpen bij de buurtbarbecue?” Piet vindt het heerlijk en voelt zich betrokken. Zo startte Piet in Venray een hardloop groepje, waar hij nog steeds actief lid van is. Trots laat Piet een metalen plaatje zien dat gemaakt is ter gelegenheid van het vijfenveertig jarig bestaan. Techniek heeft Piet ook altijd geïnteresseerd en in het verleng-de daarvan kocht hij een off-road motor, genaamd Transalp. Hij richte de motorclub ‘De Trans-alpclub’ op. Een club met zes honderd leden, waar Piet en zijn vrouw nu erelid van zijn. In 2011 vertrokken Piet en zijn vrouw naar Weert. “We wilden dichterbij onze kinderen en kleinkinderen gaan wonen. Toen we zagen dat er een nieuwe wijk (Vrouwenhof) werd gebouwd, zijn we gaan kijken en daar wonen we nog steeds met veel genoegen. Onze dochter Jolanda was golfpro bij Crossmoor in Weert en zoon Peter woont in Roermond. Hij is sinds de Provinciale Statenverkie-zingen van 2019 voor de Partij voor de Dieren lid van het Limburgs Parlement.

WeertEnergie

Via Bas Meijboom kwam Piet in de wijkvereniging van Vrouwenhof en bij WeertEnergie terecht. De laatste jaren is Piet ook betrokken bij Repair Café. “Bij WeertEnergie zijn we uit idealisme begon-nen. We hadden het toen al over Weert energie neutraal maken, zonder echt te weten wat het inhield. We dachten bijvoorbeeld aan het opwekken van energie door gebruik te maken van de getijden zoals in Frankrijk of de hoogteverschillen in water, maar dat gaat moeilijk in ons land.” Wat WeertEnergie betreft, vraagt Piet zich af waar de coöperatie over twintig jaar wil staan? “Het is goed dat er een kerngroep is gevormd, die nadenkt over toekomstige projecten. Blijf daarover communiceren met de leden en daarbuiten. Neem mensen mee, maak ze bewust van de moge-lijkheden.”

Leefbaarheid

Duurzaamheid en de aarde leefbaar achterlaten voor de volgende generatie zijn belangrijk voor Piet. Hij heeft zonnepanelen op z’n dak liggen, scheidt het afval bewust en heeft een aanvraag ingediend bij de gemeente voor het afkoppelen van het regenwater van het riool. “Ik loop alweer een tijdje rond op deze aarde en maak me zorgen over het tempo waarin grondstoffen opraken. Wat moet er van de mensen na ons komen als wij alles opgebruiken? Wij hebben nog alternatie-ven als een grondstof opraakt. Maar wat als ook die er niet meer zijn?” Laatst was Piet op de Milieustraat en verbaasde zich over de hoeveelheid spullen die mensen weggooien. “We zouden veel meer moeten hergebruiken.”

 Terug naar de nieuwsbrief 2019-7-8